Structurele, ethische en ontologische verkenning van het Jiaren-hexagram in de Zhouyi
Dit artikel onderzoekt diepgaand de filosofische betekenis van het 37e hexagram 'Jiaren' (Het Gezin) in de Zhouyi, analyseert de relatie tussen het 'wind-vuur'-beeld en de gezinsweg, en belicht in samenhang met het pre-Qin confucianisme (Confucius, Mencius, de Grote Leer) het begrip 'wortel', om de fundamentele positie van het gezin in de oude sociale structuur en zijn diepe logica als bron van ethiek te onthullen.

Hoofdstuk 14 -- De samenhang tussen hexagram Jiaren en hexagram Mingyi: verwonding en terugkeer
Afdeling 1: De logica van de Xuguazhuan: "Wie buiten verwond is keert noodzakelijkerwijs naar huis terug"
Hexagram Mingyi (nr. 36) gaat vooraf aan hexagram Jiaren (nr. 37). Mingyi symboliseert het verwonden van het licht; Jiaren symboliseert de thuiskomst en de hernieuwde ontplooiing van het licht.
Waarom keert men na verwonding naar huis terug$19 Omdat het "gezin" iemands uiteindelijke veilige haven is. Zolang het gezin er is, heeft men een plaats om te genezen, te herstellen, en opnieuw te vertrekken.
Het Shijing (Bin Feng, Dong Shan) beschrijft de terugkeer van een soldaat: na jaren van ontbering ziet hij zijn huis -- hoewel vervallen -- en voelt hij: "Het is niet angstaanjagend -- het is juist om naar te verlangen!"
Afdeling 2: Donkernis en licht: de dialectiek van Mingyi en Jiaren
Beide hexagrammen bevatten het triagram Li (vuur). Maar in Mingyi wordt het licht onderdrukt (Li onder Kun); in Jiaren kan het licht vrij stralen (Li onder Xun). Dit betekent: het "gezin" biedt het licht een ruimte waarin het vrij kan schijnen. Wanneer de buitenwereld verduisterd is (Mingyi), moet het licht zich terugtrekken naar zijn "diepte" (het gezin) om zich te bewaren en zijn tijd af te wachten.